Kostendelersnorm

Kort gezegd betekent de kostendelersnorm dat u een lagere uitkering krijgt als u samen met personen van 21 jaar of ouder in een woning woont. U kunt namelijk de woonkosten delen. Hoe meer personen in uw woning wonen hoe lager uw uitkering. Het maakt hierbij niet uit hoeveel inkomen de andere personen hebben.

Welke personen tellen niet mee?

Niet alle personen die waarmee u samen in een woning woont tellen mee voor de kostendelersnorm. Personen die niet mee tellen zijn:

  • Medebewoners/kinderen tussen de 18 en 21 jaar;
  • Medebewoners/kinderen van 21 jaar of ouder die een opleiding of studie volgen waarvoor aanspraak op studiefinanciering (DUO) gemaakt kan worden of die een BBL-opleiding volgen;
  • Medebewoners van 21 jaar of ouder die een kamer huren en een commerciële huurovereenkomst hebben. Let op! Deze uitzondering geldt niet ten aanzien van een bloedverwant in de eerste of tweede graad ( denk aan een ouder-kind, broer-zus relatie). Een bloedverwant wordt in voornoemde situatie altijd geacht kosten te kunnen delen met de bijstandsgerechtigde. De relatie tussen bloedverwanten in de eerste of tweede graad kan dus nooit een zakelijke overeenkomst zijn.

Wat is de ingangsdatum voor de kostendelersnorm?

Als u op 31 december 2014 een uitkering ontving én met één of meer personen in een woning woonde dan verandert er voorlopig niets. De kostendelersnorm gaat dan pas in op 1 juli 2015. U krijgt dus pas vanaf 1 juli 2015 een lagere uitkering.

Als u na 1 januari 2015 bijstand gaat ontvangen en met één of meer personen in een woning woont dan gaat de kostendelersnorm meteen in. U krijgt dan meteen een lagere uitkering. Dit is ook zo als u op 31 december 2014 bijstand krijgt maar na 1 januari 2015 met één of meer personen in een woning gaat wonen. U krijgt dan een lagere uitkering op het moment dat uw situatie wijzigt.

Wat is de hoogte van de uitkering?

De hoogte van de uitkering in percentages verschilt per situatie. De uitkering voor gehuwden en samenwonenden is 100%. De uitkeringspercentages per persoon tot en met 5 personen zijn:

  • 1 persoon is 70% van het minimumloon;
  • 2 personen is 50% van het minimumloon;
  • 3 personen is 43,33% van het minimumloon;
  • 4 personen is 40% van het minimumloon;
  • 5 personen is 38% van het minimumloon. 

Het overzicht stopt bij 5 personen maar geldt ook bij 6 personen of meer.

Voorbeeldsituatie

Om te illustreren hoe wij de hoogte van de bijstand vaststellen hieronder een voorbeeld:

Marjet en Theo zijn getrouwd en wonen samen met hun twee meerderjarige kinderen: Nicole (22 jaar), Anita (24 jaar).

Theo en Marjet werken beide. Nicole studeert. Anita heeft geen werk meer en heeft een uitkering aangevraagd. In dit geval zal er voor de hoogte van de uitkering van Anita rekening worden gehouden met drie kostendelers (Theo, Marjet en Anita zelf). Haar norm is dan € 595,87 netto per maand.

Na 3 maanden stopt Nicole met haar studie. Zij gaat aan het werk. Anita moet dit doorgeven aan haar inkomensconsulent. Haar uitkering wordt opnieuw berekend. Er zijn nu vier kostendelers Theo, Marjet, Nicole en Anita zelf). De norm voor Anita wordt dan € 550,07 netto per maand.

Meer informatie

Uitgelicht